Voorbeeld-rubriek

  • Dit is een voorbeeld rubriek. In deze rubriek kun je links plaatsen, dat zijn koppelingen naar andere sites. Verwijder deze rubriek of pas hem aan

  • Google
  • Vissen

de bak

  • -------------------------------------------------------------------------------- Bij het aanschaffen van een aquarium geven we tegenwoordig de voorkeur aan een volglazen bak boven een gestelaquarium van hoekijzer of andere metalen. Een aquarium met een stalen frame kan roesten en blijft min of meer giftige stoffen aan het water afgeven. Daarom zijn ze zeker voor zeewater ongeschikt. Ook bakken van plexiglas blijven kleine hoeveelheden gifstoffen aan het water afgeven. Dit type bakken heeft bovendien nog twee nadelen. Plexiglas krast snel en wordt dan minder doorzichtig en het heeft de neiging te vergelen. Het is daarom het beste een volglazen bak aan te schaffen die geplakt is met siliconelijm dat zeer goed hecht en enigszins elastisch blijft. Voor zeer grote bakken kunnen de zij- en achterwanden gemaakt worden van eterniet dat echter voor gebruik met een gifvrije verf bestreken en dan goed afgespoeld moet worden. Ook erg belangrijk is de dikte van het glas. Van een meterbak bijvoorbeeld moeten de wanden minstens 12 mm dik zijn en de bodem 15-17 mm. We moeten daarbij ook rekening houden met het totale gewicht van de bak en de plaats waar deze komt te staan. --------------------------------------------------------------------------------
  • vorm kleur gedrag zwemblaas aandoening Oorzaak Verschillende factoren spelen hierbij een rol; zoals plotselinge veranderingen in de watertemperatuur. Vaak is er ook een infectie door bacteriën. Zichtbare symptomen Vaak is alleen maar waar te nemen dat een vis moeite heeft de positie in het water te handhaven. De zieke vis helt naar één zijde licht over, of drijft op een zijde of op de rug. Optreden van de aandoening Vaak treedt de aandoening tamelijk spontaan op waarbij de andere vissen in vijver of aquarium niet blijken te worden aangetast. Gekweekte siervissen -vooral goudvissen -schijnen er speciaal vatbaar voor te zijn en hebben ook vaak misvormde zwemblazen. Behandeling Daar de juiste oorzaak ( of oorzaken) van de problemen niet bekend zijn kan ook niet gemakkelijk een betrouwbare behandeling worden aanbevolen. Soms kan er verbetering in de situatie optreden als de vis wordt overgebracht in een "ziekenbak" met ondiep water, dat ongeveer 5ºC warmer is dan het water in aquarium of vijver. Voor geval dat er bacteriën bij betrokken zijn kan in de ziekenbak een antibacteriemiddel worden gebruikt. Het toevoegen van wat aquariumzout kan nuttig zijn. De dosis moet maximaal 1 gram per liter water zijn. Vissen die zich ondanks deze maatregelen ellendig blijken te voelen, kunnen beter pijnloos worden gedood Oorzaak Verschillende factoren spelen hierbij een rol; zoals plotselinge veranderingen in de watertemperatuur. Vaak is er ook een infectie door bacteriën. Zichtbare symptomen Vaak is alleen maar waar te nemen dat een vis moeite heeft de positie in het water te handhaven. De zieke vis helt naar één zijde licht over, of drijft op een zijde of op de rug. Optreden van de aandoening Vaak treedt de aandoening tamelijk spontaan op waarbij de andere vissen in vijver of aquarium niet blijken te worden aangetast. Gekweekte siervissen -vooral goudvissen -schijnen er speciaal vatbaar voor te zijn en hebben ook vaak misvormde zwemblazen. Behandeling Daar de juiste oorzaak ( of oorzaken) van de problemen niet bekend zijn kan ook niet gemakkelijk een betrouwbare behandeling worden aanbevolen. Soms kan er verbetering in de situatie optreden als de vis wordt overgebracht in een "ziekenbak" met ondiep water, dat ongeveer 5ºC warmer is dan het water in aquarium of vijver. Voor geval dat er bacteriën bij betrokken zijn kan in de ziekenbak een antibacteriemiddel worden gebruikt. Het toevoegen van wat aquariumzout kan nuttig zijn. De dosis moet maximaal 1 gram per liter water zijn. Vissen die zich ondanks deze maatregelen ellendig blijken te voelen, kunnen beter pijnloos worden gedood Oorzaak Het parasitaire sporendiertje Pleistophora hyphessobryconis. Oorzaak Onjuiste of sterk variërende conditie van het water; vooral de pH, de hardheid, het soortelijk gewicht/relatieve dichtheid en de temperatuur. Daarnaast zijn belangrijk: het gehalte aan nitrieten, ammoniak, andere schadelijke stoffen en natuurlijk ook het zuurstofgehalte. Zichtbare symptomen De effecten van een niet goede waterkwaliteit kunnen variëren van geringe afwijkingen van het normale gedrag van vissen tot verlies van vissen op grote schaal. In acute situaties zullen de meeste vissoorten in vijver of aquarium zich plotseling ongewoon gaan gedragen. De symptomen kunnen zijn eigenaardig zwemgedrag, snelle kieuwbewegingen, inactieve perioden afgewisseld door springende bewegingen, luchthappen aan het wateroppervlak, uitpuilende of troebele ogen. De dood kan hierop volgen. In chronische situaties zal een iets minder goede waterkwaliteit leiden tot verlies van kleur, verlies van eetlust en een grotere gevoeligheid voor bv. vinrot en schimmel. Onder dergelijke omstandigheden zullen ook de voortplantingsresultaten magertjes zijn of geheel uitblijven. Optreden van de problemen Problemen met de waterkwaliteit doen zich vooral voor in nieuw-ingerichte aquariums of vijvers, of als het onderhoud van deze waterpartijen te wensen overlaat. Behandeling De problemen kunnen worden voorkomen door een verstandig en regelmatig onderhoud van vijver of aquarium, waartoe een geregelde inspectie van het water behoort. Natuurlijk is het belangrijk om overbevolking en overvoering te vermijden en om te voorkomen dat er giftige of schadelijke stoffen in het water kunnen komen (bv. verf, tabaksrook, bestrijdingsmiddelen of kunstmeststoffen uit de tuin. enz. Natuurlijk zal een correcte verzorging van de vijver of het aquarium noodzakelijk zijn. Wanneer echter vissen tekenen van ziekte door slechte waterkwaliteit beginnen te vertonen dan kan de situatie worden verbeterd door een waterverversing van 50 tot 75% onmiddellijk uit te voeren. Dat water moet natuurlijk in de juiste conditie (correcte temperatuur, enz.) worden gebracht voordat het in de vijver of het aquarium wordt gedaan. In sommige gevallen -vooral in acute situaties- is het soms beter de vissen over te brengen in een aparte bak met geschikt water om eerst de oorzaken op te sporen Oorzaak Verschillende darmparasieten: Cestoda (lintwormen), Nematoda (rondwormen) en Acanthocephala. Ook Digenazuigwormen komen hier voor, maar die veroorzaken zelden grote probIemen. Zichtbare symptomen Deze ontbreken vaak behalve bij ernstige aantastingen. Daarbij kunnen de vissen mager of juist erg opgezwollen lijken, terwijl er mogelijk parasieten uit de aarsopening steken. De parasieten komen het meest voor bij vissen die in het wild zijn gevangen en bij pas geïmporteerde vissen. Lintwormen zien er uit als platte, witte, gekronkelde linten die soms duidelijk in segmenten zijn verdeeld. Nematoden hebben een kenmerkend wormachtig uiterlijk. Het zijn cilindrische wormen die enkele centimeters lang kunnen worden. Er zijn ook kleinere soorten. De kleur kan roodachtig bruin zijn. Acanthocephala zijn meestal geelachtig wit en ze hebben een lengte van 1 of 2 cm. De lichaamsvorm is cilindrisch of wat afgeplat en de kop is kenmerkend uitgerust met een intrekbare, van doorns voorziene slurf. Deze dient als verankering in de darmwand van de gastheer. Een verteringskanaal ontbreekt. Optreden van de parasietenIn de meeste gevallen zullen aquarium- en vijverliefhebbers aantastingen door deze parasieten niet opmerken. Gewoonlijk hebben ze ingewikkelde levenscycli met twee of drie tussengast heren. Deze zijn zelden in aquarium of vijver aanwezig en dus zijn er niet zoveel problemen te verwachten. Een uitzondering vormt Camallanus. Deze nematode komt voor bij tropische, levendbarende vissen. Problemen ontstaan bij ernstige aantastingen. Camallanusheeft normaal een roeipootkreeftje nodig als tussengastheer maar blijkt ook zonder die tussenstap van vis op vis te kunnen overgaan, minstens gedurende enkele generaties. In sommige situaties worden de vissen soms ernstig aangetast. BehandelingBehandeling zal vaak niet noodzakelijk zijn en ook niet kunnen worden uitgevoerd omdat lichte aantastingen aan de aandacht ontsnappen. Die lichte gevallen veroorzaken ook weinig overlast of schade. Zoals boven reeds opgemerkt ontbreken in vijver en aquarium gewoonlijk de nodige tussengastheren. Parasieten die in de darmen van pas geïmporteerde vissen zouden voorkomen, zullen sterven en een nieuwe besmetting is erg onwaarschijnlijk. Dit geldt dus niet voor Camallanus rondwormen. Wordt een aantasting met deze parasieten ontdekt dan zal een behandeling met een wormmiddel nodig zijn Oorzaak Verschillende darmparasieten: Cestoda (lintwormen), Nematoda (rondwormen) en Acanthocephala. Ook Digenazuigwormen komen hier voor, maar die veroorzaken zelden grote probIemen. Zichtbare symptomen Deze ontbreken vaak behalve bij ernstige aantastingen. Daarbij kunnen de vissen mager of juist erg opgezwollen lijken, terwijl er mogelijk parasieten uit de aarsopening steken. De parasieten komen het meest voor bij vissen die in het wild zijn gevangen en bij pas geïmporteerde vissen. Lintwormen zien er uit als platte, witte, gekronkelde linten die soms duidelijk in segmenten zijn verdeeld. Nematoden hebben een kenmerkend wormachtig uiterlijk. Het zijn cilindrische wormen die enkele centimeters lang kunnen worden. Er zijn ook kleinere soorten. De kleur kan roodachtig bruin zijn. Acanthocephala zijn meestal geelachtig wit en ze hebben een lengte van 1 of 2 cm. De lichaamsvorm is cilindrisch of wat afgeplat en de kop is kenmerkend uitgerust met een intrekbare, van doorns voorziene slurf. Deze dient als verankering in de darmwand van de gastheer. Een verteringskanaal ontbreekt. Optreden van de parasietenIn de meeste gevallen zullen aquarium- en vijverliefhebbers aantastingen door deze parasieten niet opmerken. Gewoonlijk hebben ze ingewikkelde levenscycli met twee of drie tussengast heren. Deze zijn zelden in aquarium of vijver aanwezig en dus zijn er niet zoveel problemen te verwachten. Een uitzondering vormt Camallanus. Deze nematode komt voor bij tropische, levendbarende vissen. Problemen ontstaan bij ernstige aantastingen. Camallanusheeft normaal een roeipootkreeftje nodig als tussengastheer maar blijkt ook zonder die tussenstap van vis op vis te kunnen overgaan, minstens gedurende enkele generaties. In sommige situaties worden de vissen soms ernstig aangetast. BehandelingBehandeling zal vaak niet noodzakelijk zijn en ook niet kunnen worden uitgevoerd omdat lichte aantastingen aan de aandacht ontsnappen. Die lichte gevallen veroorzaken ook weinig overlast of schade. Zoals boven reeds opgemerkt ontbreken in vijver en aquarium gewoonlijk de nodige tussengastheren. Parasieten die in de darmen van pas geïmporteerde vissen zouden voorkomen, zullen sterven en een nieuwe besmetting is erg onwaarschijnlijk. Dit geldt dus niet voor Camallanus rondwormen. Wordt een aantasting met deze parasieten ontdekt dan zal een behandeling met een wormmiddel nodig zijn. Oorzaak Onjuiste of sterk variërende conditie van het water; vooral de pH, de hardheid, het soortelijk gewicht/relatieve dichtheid en de temperatuur. Daarnaast zijn belangrijk: het gehalte aan nitrieten, ammoniak, andere schadelijke stoffen en natuurlijk ook het zuurstofgehalte. Zichtbare symptomen De effecten van een niet goede waterkwaliteit kunnen variëren van geringe afwijkingen van het normale gedrag van vissen tot verlies van vissen op grote schaal. In acute situaties zullen de meeste vissoorten in vijver of aquarium zich plotseling ongewoon gaan gedragen. De symptomen kunnen zijn eigenaardig zwemgedrag, snelle kieuwbewegingen, inactieve perioden afgewisseld door springende bewegingen, luchthappen aan het wateroppervlak, uitpuilende of troebele ogen. De dood kan hierop volgen. In chronische situaties zal een iets minder goede waterkwaliteit leiden tot verlies van kleur, verlies van eetlust en een grotere gevoeligheid voor bv. vinrot en schimmel. Onder dergelijke omstandigheden zullen ook de voortplantingsresultaten magertjes zijn of geheel uitblijven. Optreden van de problemen Problemen met de waterkwaliteit doen zich vooral voor in nieuw-ingerichte aquariums of vijvers, of als het onderhoud van deze waterpartijen te wensen overlaat. Behandeling De problemen kunnen worden voorkomen door een verstandig en regelmatig onderhoud van vijver of aquarium, waartoe een geregelde inspectie van het water behoort. Natuurlijk is het belangrijk om overbevolking en overvoering te vermijden en om te voorkomen dat er giftige of schadelijke stoffen in het water kunnen komen (bv. verf, tabaksrook, bestrijdingsmiddelen of kunstmeststoffen uit de tuin. enz. Natuurlijk zal een correcte verzorging van de vijver of het aquarium noodzakelijk zijn. Wanneer echter vissen tekenen van ziekte door slechte waterkwaliteit beginnen te vertonen dan kan de situatie worden verbeterd door een waterverversing van 50 tot 75% onmiddellijk uit te voeren. Dat water moet natuurlijk in de juiste conditie (correcte temperatuur, enz.) worden gebracht voordat het in de vijver of het aquarium wordt gedaan. In sommige gevallen -vooral in acute situaties- is het soms beter de vissen over te brengen in een aparte bak met geschikt water om eerst de oorzaken op te sporen Oorzaak Verschillende Sporozoa, Microspondia en Myxospondia zoals lchthyosporidium, Nosema, Myxobolus en Henneguya en ook door de schimmel Dennocystidium. . Oorzaak Infecties door bacteriën of virussen; stofwisselingsstoringen en/of verkeerde voeding. Zichtbare symptomen Duidelijk opgezette buik; uitstekende schubben; roodkleuring aan de basis van vinnen (vooral aarsvin); zweren op het lichaam en lange bleke uitwerpselen. Aangetaste vissen kunnen hun eetlust verliezen en donkerder van kleur worden. De kieuwen worden bleek en de ogen kunnen uitpuilen. Vloeistof kan zich in de lichaamsholte ophopen. Optreden van de ziekte Buikwaterzucht treedt vooral op onder ongunstige omstandigheden bij vissen die om de een of andere reden in minder goede conditie zijn. Behandeling Vanwege de onzekere oorzaken is een juiste behandeling moeilijk voor te schrijven. Aangetaste vissen kunnen het best worden ondergebracht in een afzonderlijke bak met goed voer en onder ideale omstandigheden. Treedt er geen verbetering op dan kan een antibioticum met breed spectrum of een gelijkwaardig middel worden gebruikt GAATJESZIEKTE -------------------------------------------------------------------------------- Oorzaak Meestal het zweepdiertje (Hexamita, ook bekend als Octomilus). Zichtbare symptomen Kleine gaatjes verschijnen in het lichaam maar vooral in de kopstreek. Het zijn net kleine vulkaankratertjes want vaak komen er geelachtige, kazige slijmdraden uit, waardoor het soms Iijkt of de vis is aangetast door een soort wormen. Aangetaste vissen verliezen hun eetlust en vermageren sterk, vooral aan de buikzijde. De uitwerpselen zijn bleek en draderig. Wondjes kunnen zich ook ontwikkelen aan de bases van de vinnen en aan de zijlijn. Gelijksoortige symptomen komen ook voor bij een ziekte die bij dokters vissen (Acanthuridae) vaak voorkomt als aantasting van kop en zijlijn. Optreden van de ziekte Hexamita-zweepdiertjes tasten gewoonlijk in lichte vorm de darmen aan van een reeks koudwater- en tropische vissen. Dit komt vooral voor bij cichliden, zoals discusvis, maanvis, pauwoogcichlide en eveneens bij goerami's. Klaarblijkelijk ondervinden de vissen hiervan niet veel last. Onder bepaalde omstandigheden -overbevolking, laag zuurstofgehalte, onhygiënische toestanden, temperatuurschommelingen en slechte voeding -kunnen de zweepdiertjes zich echter sterk vermeerderen en dan de bovenbeschreven symptomen veroorzaken. Ook de aantasting van kop en zijlijn bij de doktersvis zal een complexe ziekte zijn die te maken heeft met een slechte voeding - bv. gebrek aan vitamine c - en eveneens verband houden met factoren in het milieu. Behandeling Net best kan de ziekte worden behandeld met middelen die aan het voer worden toegevoegd. Helaas verliezen aangetaste vissen echter hun eetlust en bovendien is het mengen van geneesmiddelen door kleine hoeveelheden voer nogal moeilijk. Er zijn ook middelen die aan het water kunnen worden toegevoegd. Daarbij zijn dimetridazole en metronidazole die op recept van de dierenarts verkrijgbaar zijn. De plaatselijke dierenarts zal ook kunnen helpen bij de toediening van deze middelen. Waarschijnlijk zullen voor een goed resultaat verscheidene behandelingen nodig zijn. Vraag ook in de lokale aquariumwinkel naar merkpreparaten die kunnen helpen tegen deze ziekte. Op lange termijn gezien is het belangrijk om alle pas aangeschafte vissen een tijd in quarantaine te houden, geschikte preventieve middelen te gebruiken en alle ziektebevorderende factoren zoveel mogelijk uit te schakelen. Oorzaak Kieuwproblemen kunnen worden veroorzaakt door bepaalde schimmels (bv. Branchiornycetes), bacteriën, eencellige diertjes en door kieuwwormen (zoals Dactylogyrus). Daarnaast speelt ook de waterkwaliteit een grote rol. Zichtbare symptomen Aanwijzingen zijn snelle adembewegingen; gezwollen kieuwen en verkleuring van kieuwplaatjes met overvloedige slijmafscheiding. Aangetaste vissen verliezen eetlust en liggen zonder beweging in de bak of happen naar lucht aan het wateroppervlak. Optreden van de ziekten Vaak komen problemen voor bij pas geïmporteerde vissen onder minder gunstige omstandigheden gehouden, of in een aquarium of vijver die slecht is onderhouden. Slechte beluchting en/of filtratie, te groot aantal vissen en het niet regelmatig gedeeltelijk verversen van het water bevorderen het optreden van bedoelde problemen. Anderzijds zal een totale verversing met onbehandeld leidingwater de tere kieuwplaatjes sterk irriteren en meer kwetsbaar maken voor infecties. Behandeling Het water zal in een betere conditie moeten worden gebracht. Beetje voor beetje wordt 25 tot 50% van het water ververst met water dat vooraf geschikt is gemaakt. Zo nodig wordt een bacteriedodend middel toegevoegd. Vijvervissen en zoutwatervissen worden apart in een isolatiebak behandeld. Brengen deze maatregelen geen verbetering, of zijn er kieuwparasieten aanwezig, dan zal een behandeling nodig zijn met een organofosforverbinding zoals metriphonaat, formaline ofwel een koperbehandeling. Deze middelen kunnen giftig zijn voor ongewervelde dieren en/of voor sommige vissoorten. Kieuwschimmel veroorzaakt door Branchiomycetesis erg moeilijk te behandelen. Zorgvuldige controle van de waterkwaliteit en het geregeld gedeeltelijk verversen helpt dit soort problemen voor komen OGEN Oorzaak Larven van zuigwormen met generatiewisseling (Digena), zoals ClinostoIimum, Posthodiplostomum en Diplostomum. Oorzaak Infectie met zuurbestendige bacteriën als Mycobacterium of met Nocardia Zichtbare symptomen Vissen die aan deze ziekten lijden vermageren vaak sterk. Hun buik ziet er ingevallen uit en tegelijk is de eetlust verloren gegaan en ook vaak de kleur. Andere symptomen kunnen zijn: uitpuilende ogen, vinrot, zweren op het lichaam en lusteloosheid. Gewoonlijk zitten er in de inwendige organen van aangetaste vissen kleine knobbeltjes ter grootte van een speldenknop. Dergelijke bultjes of knobbeltjes kunnen ook worden veroorzaakt door Ichthyophonus (=lchthyosporidium hoferi). Optreden van de ziektenWaarschijnlijk is er sprake van overbrenging van vis op vis door het eten van besmet materiaal. ofschoon Mycobacteriumvooral bij levendbarende vissen ook overgebracht kan worden van ouders op nakomelingen. Het voeren van besmet voer is in elk geval een belangrijke bron van besmetting. Zoals bij veel ziekten kan ook hier een gezonde vis een lichte besmetting meedragen zonder dat dit blijkt. De ziekte kan bij dergelijke vissen dan uitbreken als de milieuomstandigheden voor de vissen verslechteren. BehandelingHet aanschaffen van gezonde vissen en een goede verzorging zullen het optreden van deze ziekten voorkomen. Natuurlijk moeten vissen niet worden gevoerd met levende of dode vissen of ongewervelde dieren uit besmette bronnen. Isoleer elke vis die ervan wordt verdacht besmet te zijn met Mycobacterium en Nocardia. Treedt er geen verbetering in hun toestand op dan moeten ze op humane wijze worden gedood. Geneesmiddelen die mogelijk enige verlichting kunnen geven zijn beschikbaar. Zijn ze erg duur of enkel van nut voor bepaalde, ongebruikelijke vissoorten neem dan contact op met de dierenarts. Tot de middelen die met enig succes zijn gebruikt behoren: sulfafurazole, doxycycline en minocycline. Uw dierenarts zal deze middelen met de injectiespuit toedienen ofwel geschikte alternatieven voorschrijven. De uitteringsziekte die wordt veroorzaakt door de parasitaire schimmel lchthyophonusis erg moeilijk te bestrijden. Herkenning is enkel mogelijk door preparaten van lever of nieren onder de microscoop te onderzoeken. Bij een lchthyophonusinfectie ziet men dan zwart-bruine, hoekige insluitsels in de cysten. De betekenis van deze ziekte voor houders van siervissen is onduidelijk. Vermijd contact met besmet water of besmette vissen door het dragen van handschoenen; vooral als men wondjes aan de handen heeft. Na het uitbreken van de ziekte moeten alle uitrustingsstukken en overige faciliteiten grondig worden ontsmet. Oorzaak Niet-correct dieet. Zichtbare symptomen De symptomen verschillen met de aard van de problemen. Een dieet met een tekort aan eiwitten zal bv. een minder snelle groei veroorzaken en mogelijk een kromgroeien van de wervelkolom. Een overmaat aan koolhydraten of vetten zal echter heel andere verschijnselen te zien geven: bv. problemen met de lever, bloedarmoede of zelfs een verhoogde gevoeligheid voor bepaalde infectieziekten. Ook vissen kunnen een tekort aan vitamines hebben. Een gebrek aan vitamine A zal leiden tot een slechte groei, blindheid of bloedingen aan de basis van de vinnen. Een vitamine B-tekort kan blijken uit symptomen als abnormale kleur, ongewone zwembewegingen waarbij perioden van opgewondenheid worden afgewisseld door perioden van krachteloosheid of verlamming (paralyse). Een tekort aan vitamine C kan huidbeschadigingen en het "kop-en-zijlijn-syndroom" veroorzaken, vooral bij zeevissen. Over de behoefte aan mineralen bij vissen is maar weinig bekend. Een dieet met onjuiste hoeveelheden calciummagnesium en kalium zal echter aanleiding geven tot nier- en darmproblemen. Opgemerkt moet worden dat de symptomen naargelang de vissoort soms beduidend kunnen verschillen. Optreden van de problemenBij vissen in de vrije natuur komen voedingsstoringen zelden voor en dat geldt nog meer voor vissen in vijvers en aquariums die een gevarieerd dieet krijgen van voer van goede kwaliteit. De waarde van dit voer voor de gezondheid van de vissen blijkt wel uit het feit dat voedingsstoringen in aquariums en vijvers weinig voorkomen. BehandelingDoor een goed gevarieerd dieet kunnen problemen worden voorkomen. Mocht er toch eens iets mis gaan dan is er speciaal voer; bv. gedroogd, ingevroren en zelfs bestraald voer, waardoor het mogelijk is het dieet van voer in vlokken, kruimels en poeders aan te vullen of te variëren. Er is speciaal voer op basis van groente en voer bestaande uit Tubifex, Daphne en garnaaltjes dat op deze wijze veilig gevoerd kan worden. Net is natuurlijk erg belangrijk dat de vissen niet overvoerd worden door dit geconcentreerde droge voer. Daarnaast zal het niet opgegeten voer zich in aquarium of vijver ophopen hetgeen schadelijk kan werken op de waterkwaliteit. Zichtbare symptomen Gele cysten en zwarte stippen aan lichaam en vinnen. Deze cysten zijn vaak tot 1 mm in doorsnee en bevatten kleine larven. Dergelijke cysten kunnen ook rond de interne organen voorkomen, maar in dat geval is verwarring mogelijk met teringziekte. Kleine hoeveelheden cysten doen weinig kwaad maar grote aantallen bieden een akelig gezicht en kunnen voor kleine vissen gevaarlijk zijn. De parasiet verantwoordelijk voor de oogproblemen lijkt een voorkeur te hebben voor de lens maar kan ook het glasachtig lichaam en het netvlies aantasten. Is er een groot aantal parasieten aanwezig dan zal de schade aanzienlijk zijn en mogelijk is blindheid dan het gevolg. Optreden van de ziekteHet meest komt de ziekte voor bij pas geïmporteerde vissen en soms bij vijvervissen. De parasieten worden geslachtsrijp in de darmen van visetende vogels of zoogdieren. In het water komen hun eitjes in waterslakken terecht. Hebben de larven zich ontwikkeld tot cercariën dan dringen ze bij de vis binnen. In de meeste vijvers en aquariums zal het voor de parasieten onmogelijk zijn om de ingewikkelde levenscyclus met twee tussengastheren en een eindgastheer af te maken. Vishobbyisten zullen dan ook maar zelden te maken krijgen met metacercariënziekte. Wel kunnen de cercariën gedurende langere tijd in de vis blijven, maar uiteindelijk zullen ze dood gaan. BehandelingBehandeling is slechts zelden noodzakelijk. Dat is maar gelukkig ook want het is moeilijk, zo niet onmogelijk. V Vermijd het kopen van vissen die duidelijk door deze parasieten zijn aangetast. Voorkom zoveel mogelijk dat visetende vogels de vijver kunnen bezoeken en verbreek de levenscyclus door het verwijderen van waterslakken. Zichtbare symptomen Kleine tot grote, gladde, geelachtig-witte cysten op de huid, de vinnen, de kieuwen, in spieren en rond interne organen. De cysten variëren van enkele millimeters tot een centimeter wat de grootte betreft. Gewoonlijk zijn ze bolvormig of eivormig, maar er zijn ook meer langwerpige of onregelmatig gevormde cysten. Elke cyste bevat duizenden kleine sporen. Die zijn zo klein, dat er minstens 15.000 nodig zouden zijn om een speldenknop mee te bedekken. Optreden van de ziekten Deze parasieten lijken op de veroorzakers van de neonziekte. Een geringe inwendige aantasting zal waarschijnlijk niet door de bezitter van de vissen worden opgemerkt. Duidelijk zijn aantastingen van de huid en de vinnen. Naar men aanneemt heeft de verspreiding van de sporen van vis op vis plaats, ofschoon van de levenscycli van de meeste van deze parasieten nog niet zoveel bekend is. Ernstige aantastingen vooral aan de kieuwen ofwel bij kleine vissen zullen de getroffen vissen sterk verzwakken. Lichte aantastingen schijnen niet veel last te veroorzaken. Elk type knobbelziekte kan beperkt zijn tot één vissoort of tot een kleine groep van soorten. Behandeling Een betrouwbaar middel tegen deze ziekten bestaat niet. Aangetaste vissen kunnen het best geïsoleerd worden. Wordt hun toestand slechter, dan zullen ze pijnloos gedood moeten worden Desinfecteer de bak en alle uitrustingsstukken die met geïnfecteerde vissen in aanraking zijn geweest. Koop geen vissen die kennelijk besmet zijn. Zichtbare symptomen Er kunnen bij vissen lichte aantastingen voorkomen die geen symptomen veroorzaken. Ernstig aangetaste vissen tonen een verlies van kleur; vooral de rode streep bij neontetra's. Verder komen ongewoon zwemgedrag voor, gebogen wervelkolom, vermagering en vinrot. Een reeks vissoorten is vatbaar voor deze ziekte maar neontetra's wel bijzonder. Bij zebravisjes en enkele soorten Barbus komt een gelijk soortige aantasting voor. Optreden van de ziekte De parasieten komen voor in spierweefsel van de vis. In cysten die in groepjes bijeenliggen worden sporen gevormd. Als zo'n cyste openbarst komen de sporen in het water en ze worden door de vissen tegelijk met voer ingeslikt. Uit de sporen ontstaat een amoebeachtige kiem die zich weer in de spieren vestigt. De hele ontwikkeling kan ook in de vis plaatshebben wanneer de cysten naar binnen openbarsten. Het optreden van de ziekte wordt bevorderd door minder gunstige omstandigheden en ook secundaire infecties door bacteriën treden dan vaak op. Behandeling Verschillende middelen zijn uitgeprobeerd maar niet één bleek voldoende effectief. Enig succes wordt gemeld van furazolido). Een behandeling met dat middel zal echter eerder de secundaire, bacteriële infecties (de zgn. valse neonziekte) bestrijden dan de eigenlijke ziekte. Isoleer vissen met ziekteverschijnselen en probeer ze met het middel te genezen. Zou de behandeling succes hebben dan wil dat nog niet zeggen dat alle parasieten verdwenen zullen zijn. Heeft de behandeling geen resultaat dan moeten aangetaste vissen op humane wijze worden gedood. Daar ook gezonde vissen een zeer lichte aantasting kunnen meedragen, is het van groot belang dat de omstandigheden in het aquarium optimaal worden gehouden. Een aquarium waarin de ziekte heeft huisgehouden moet worden leeggemaakt. Na grondig desinfecteren, spoelen en drogen kan deze bak weer worden gevuld; liefst met nieuw materiaal en onbesmette vissen. u kunt wel contact met mij op nemen door een mail naar moros@telenet.be te sturen en u vis ziekte als het kan met foto aub

  • Vissen
  • Vissen
  • Vissen
  • Visziekten
  • Vissen
  • Vissen
  • Webklik
  • Viskes
  • Netlog
  • Ziektes
  • Viszieketes.nl
  • Visziekten --...
 

vissen

  • Na de behandeling van vorm en functie van de vissen en de chemie van het water volgen nu de praktische maatregelen die getroffen moeten worden om de omstandigheden in vijver of aquarium voor de vissen gezond te maken en te houden. De eerste stap is het verzamelen van zoveel mogelijk informatie over levenswijze en gedrag van de vissoorten die we zullen gaan houden en over hun natuurlijke milieu. Hoe meer de omstandigheden in vijver of aquarium verschillen van die in de vrije natuur, des te groter de kans op stress en ziekten bij de vissen. Overleg bij de inrichting van vijver of aquarium en daaropvolgend regelmatig onderhoud dragen veel bij tot de gezondheid van de vissen. Vaak wordt een te groot aantal vissen in een vijver of een aquarium gehouden De getallen betreffen kleine vissen van 2,5 tot 5 cm lengte en er is rekening gehouden met het feit dat ze zullen groeien én met de mogelijkheid van technische problemen, zoals het uitvallen van de pomp. Natuurlijk dienen deze getallen slechts als een leidraad, omdat bv. zeer actieve vissen vanzelfsprekend meer ruimte nodig zullen hebben en ook de installatie van beluchtings- en filtersystemen een grotere populatie van vissen mogelijk maken. De grootte van het aquarium of de vijver wordt vaak sterk beïnvloed door de kosten en door de beschikbare ruimte en dat heeft weer gevolgen voor de soort en het aantal vissen dat gehouden kan worden. Ofschoon veel vissen tamelijk gelukkig kunnen zijn met een solitair bestaan, kunnen de soorten die meestal in een tropische gezelschapsbak worden gehouden het beste als paartjes of in schooltjes van vijf tot tien samenleven. Voor vissen die van nature in scholen leven moet het aquarium natuurlijk wel ruim genoeg zijn. Een te beperkte ruimte veroorzaakt bij deze vissen te veel stress. Verenigbaarheid Bij het vormen van een leefgemeenschap van vissen in een aquarium of vijver zullen soorten vissen gekozen worden die verenigbaar zijn wat de grootte, het gedrag en de voedingsgewoonten betreft en eveneens zullen ze gelijkwaardige eisen moeten stellen wat betreft de waterchemie en de temperatuur. Zo kan men bv. pauwoogcichliden (Astronotus ocellatus) en neontetra's (Paracheirodon innesi) in zacht water houden, maar als eerstgenoemde meer dan 2,5 cm lang zijn zullen ze de neontetra's als lekkere hapjes gaan beschouwen. Vaak wordt vergeten dat de kleine, snoezige visjes groter zullen worden. Wat de grootte betreft zouden ook neontetra's en black molly's wel aardig bij elkaar passen maar de molly's gedijen het best in wat hard water, wat niet van de neontetra's gezegd kan worden. Een veelvoorkomende fout is ook dat een schooltje vinnenbijtende vissen zoals zwarte tetra's of sumatraantjes in hetzelfde aquarium worden gehouden als langvinnige soorten zoals maanvissen. Niet alleen zullen de onstuimige, snelle vissen de nogal rustige maanvissen van streek brengen, ook zullen door beschadiging van de vinnen eerder ziekten als vinrot en allerlei infecties optreden. Positie en decor De plaats van het aquarium moet goed worden gekozen. In het algemeen moet een aquarium niet te veel zonlicht krijgen, ofschoon een ochtendzonnetje de voortplanting kan stimuleren. Voor een vijver moet niet een erg beschaduwde plek worden gekozen. Sommige vissen voor aquarium of vijver zijn nogal schuchter en in dat geval is het beter een plaats waar veel geluid of beweging is te vermijden. Zo is voor een aquarium een plaats naast een deur niet zo'n goede keus. leder die de kamer binnenkomt of verlaat moet langs dat aquarium en vooral het dichtslaan van de deur zal voor de vissen storend zijn. Bovendien is het een tochtige plaats die onnodige temperatuurschommelingen tot gevolg zal hebben. Het decor zal afhangen van de vissen die gehouden zullen worden. In het algemeen wordt een gezelschapsbak ingericht met behulp van waterplanten, stenen en grotten, terwijl ook op hun kant gelegde bloempotten kunnen dienen als schuilplaatsen voor schuchtere vissen of als plaats om de eitjes af te zetten en eventueel het broed te verzorgen. Soms geeft de tekening op het lichaam van de vissen enige aanwijzing voor het decor. Zo vragen vissen met een verticale streping als het ware om een decor van hoge, tamelijk rechte planten, zoals Vallisneria. Filtratie en beluchting Filtratie- en beluchtingssystemen hebben vier belangrijke functies: het mechanisch verwijderen van afval dat in het water drijft het op biologische of chemische wijze onschadelijk maken van giftige stoffen het bevorderen van de uitwisseling van gassen (zuurstof moet in het water worden opgenomen en kooldioxyde en andere gassen moeten worden verwijderd) het zorgen voor een soort natuurlijke stroming passend bij de vissoorten die worden gehouden. De keuze van het filter hangt af van de volgende factoren: De hoeveelheid geproduceerd afval Goudvissen en grote cichliden produceren aanzienlijke hoeveelheden afvalstoffen en om die te verwijderen is een filter met een grote capaciteit nodig. Daartegenover leveren karperzalmpjes zo weinig vuil dat een eenvoudig filter kan volstaan. De verlangde watercirculatie Veel aquariumhouders denken dat een efficiënte filtratie overeenkomt met een snelle watercirculatie. Dat is niet juist; een langzamer werkend filter kan zeer effectief zijn. Bovendien zijn er vissoorten die niet gewend zijn aan een sterke stroming en ook al lopen ze daardoor geen lichamelijke schade op, toch kunnen ze erdoor gaan lijden aan stress. Bij een langzaam werkend filter in een zoetwateraquarium of in een vijver zal de totale hoeveelheid water in 1 of 2 uur rondgepompt zijn, terwijl dat bij een snelwerkend filter, vooral in zeeaquariums 1 tot 5 maal per uur gebeurt. De zuurstofbehoefte Hoe meer vissen het aquarium bevolken en hoe hoger de temperatuur is, des te meer is een goede beluchting noodzakelijk. Voor het zuurstofgehalte van het water zijn sommige vissen gevoeliger dan andere. Zo hebben bv. goudvissen blijkbaar eerder last van een zuurstoftekort in warm water. Door lucht aangedreven filters helpen het zuurstofgehalte van het water verhogen en enkele filters met elektrische motor brengen lucht in de terugkerende waterstroom of zijn voorzien van een sproeistaaf die zorgt dat het wateroppervlak lucht kan opnemen. Het in contact brengen van het aquariumwater met lucht zorgt dat zuurstof in het water wordt opgenomen en dat gassen zoals kooldioxyde kunnen ontwijken. Keuze van het filtermedium In verband met de gewenste soort filtratie (mechanisch, biologisch of chemisch) is de keuze van filtermedium en filtermodel belangrijk. Sommige filters zijn vooral geschikt voor biologische media waarin kolonies nitrificerende bacteriën voorkomen terwijl andere modellen media bevatten voor denitrificerende bacteriën. Ook zijn er typen waarin beide soorten bacteriën hun werk doen in aparte delen. Er zijn verschillende typen filters waarin allerlei media kunnen worden gebruikt. Het introduceren van de vissen Vissen die eerst gezond waren worden vaak ziek als ze in een pas ingericht aquarium worden vrijgelaten. Kennelijk veroorzaakt de overbrenging stress waardoor de vissen vatbaarder worden voor ziekten, zoals bv. witte stip. Het is dus zaak die stress zoveel mogelijk te beperken. Vissen worden normaal verkocht in plastic zakken met water. Voor het vervoer worden die zakken omwikkeld om te sterk licht en temperatuurschommelingen te vermijden. Thuis laat men de plastic zak ongeveer 15 minuten in het aquarium drijven zodat de temperatuur van het aquariumwater wordt overgenomen. Dan pas wordt de zak geopend om een kleine hoeveelheid aquariumwater binnen te laten. Telkens na vijf minuten wordt dat herhaald en zo krijgen de vissen gedurende een periode van 20 minuten de gelegenheid zich aan te passen aan de pH, de hardheid en in een zeeaquarium aan het zoutgehalte van het aquariumwater. Natuurlijk moeten deze eigenschappen van het water vooraf worden gecontroleerd. Ten slotte is de plastic zak geheel geopend en de vissen zullen uit zichzelf of met enige voorzichtige hulp "het ruime sop kiezen". Quarantaine Het in quarantaine houden van pas aangeschafte vissen kan belangrijk zijn om te voorkomen dat er ziekten in het aquarium of de vijver worden geïntroduceerd. Ook ogenschijnlijk gezonde vissen kunnen ziektekiemen meedragen. Die verborgen of latente infecties zijn gewoonlijk heel moeilijk te ontdekken, maar ze kunnen een ramp betekenen in een dichtbevolkte vijver of aquarium. Ook al worden de vissen zorgvuldig uitgekozen bij een gerenommeerde handelaar, dan nog is er altijd enig risico dat de vissen een of meer ziektekiemen meedragen. Gedurende de quarantaineperiode worden nieuwe vissen minstens vier weken van de andere vissen gescheiden gehouden. Ook het overbrengen van ziekte door de hulpmiddelen die worden gebruikt zoals schepnet, vuilhevel, emmer, schraper, enz. moet worden voorkomen. Deze uitrusting kan het beste dubbel worden aangeschaft, zodat er een apart stel is voor het quarantaine- of hospitaalaquarium. Wat de dagelijkse werkzaamheden betreft moet dat hospitaaI- aquarium altijd het laatst komen. Daardoor wordt de kans op overbrenging van ziektekiemen van zieke op gezonde vissen eveneens sterk verminderd. Daarnaast is persoonlijke hygiëne natuurlijk erg belangrijk. Het beste is de handen voor en na de onderhoudswerkzaamheden aan aquarium of vijver goed te wassen. Vissen die in quarantaine worden gehouden moeten goed worden geobserveerd. Er moet worden gelet op ziekteverschijnselen maar vooral ook op het gedrag. Een behandeling kan in een quarantainebak veel gemakkelijker gebeuren dan in een bevolkt en beplant aquarium (of vijver). Ook als de vissen ogenschijnlijk gezond zijn kan het verstandig zijn om een preventieve behandeling te geven tegen parasieten gedurende de quarantaineperiode. In het algemeen zal een lage temperatuur de levenscyclus van de meeste ziekteverwekkende organismen vertragen. Dat betekent dat symptomen van ziekte bij lage temperaturen minder snel zullen optreden. De quarantaineperiode zou dan van vier weken tot acht weken moeten worden verlengd. Ideaal voor tropische vissen in quarantaine is een temperatuur van 22 tot 25º C en voor koudwatervissen niet beneden 12 tot 15ºC. Zijn er na vier weken (acht weken bij temperaturen beneden 12 graden) geen ziektesymptomen waargenomen, dan worden de vissen voorzichtig overgebracht in de vijver of het aquarium. De quarantainebak wordt met de uitrusting grondig schoongemaakt met verdund bleekwater of een ander ontsmettend middel. Daarna volgen grondig afspoelen onder de kraan en drogen. Ook na een quarantaine van vier weken en een behandeling met preventieve middelen kan men er niet geheel zeker van zijn dat de vissen vrij van ziektekiemen zijn. Door een correcte verzorging zal de natuurlijke weerstand van de vissen echter op een zodanig peil worden gehouden dat uitbreken van ziekten wordt voorkomen. Aquariumvissen Het inrichten van een quarantaine- of hospitaalbak voor aquariumvissen en kleine vijvervissen is betrekkelijk eenvoudig. Nodig is een klein tot middelgroot aquarium (inhoud 45 tot 90 liter) met een dekplaat; een filter met filterschuim aangedreven door een luchtpomp of een filter met ingebouwde centrifugaalpomp; een verwarmingsthermostaat (voor tropische vissen); een thermometer; een paar plastic planten of halve bloempotten als schuilplaatsen voor de vissen. Door de bak wat "Spartaans" te houden is het schoonmaken en desinfecteren veel gemakkelijker na de quarantaineperiode. Om te zorgen voor biologisch goed water kan gebruik worden gemaakt van een filtermedium dat tevoren in het hoofdaquarium is gebruikt of door een paar geharde vissen, bv. molly's, in de quarantainenebak een miniatuur zijn van het zeeaquarium, compleet met bodemfilter, enz. Vijvervissen Om vijvervissen (behalve de kleinste soorten) in quarantaine te kunnen houden is een groot aquarium nodig van minstens 136 liter inhoud. Eventueel zou gebruik kunnen worden gemaakt van een kinderbad of van een bassin gemaakt van een grote kist of stevige doos die bekleed wordt met vijverfolie. Deze tijdelijke onderkomens voor de vijvervissen moeten wel worden afgedekt met een fijn nylon gaas dat strak wordt gespannen en verzwaard. De vissen blijven dan binnen en kinderen, katten en vogels worden buiten gehouden. Filtratie zal voor de meeste vijvervissen niet nodig zijn maar wel beluchting, vooral bij warm weer. Worden de vissen in de tuin in quarantaine gehouden houd ze dan uit de zon. Waterplanten Ook met de waterplanten kunnen ziektekiemen in vijver of aquarium worden geïntroduceerd; vooral als die planten afkomstig zijn uit een sloot of plas. Nieuwe waterplanten moeten goed met lauwwarm water worden afgespoeld en daarna verscheidene dagen in een bak zonder vissen in quarantaine worden gehouden. Tegen parasieten kunnen de planten verscheidene minuten in een zwakke (licht-roze) oplossing van kaliumpermanganaat worden gedoopt ofwel een uur in een kalium-aluminium-sulfaat- oplossing bij 35 graden. Daarna in beide gevallen goed afspoelen met schoon water. Algemene tips voor quarantaine Houd niet te veel vissen in een zoetwatervissen quarantaineaquarium. Dat zal de problemen alleen maar verergeren. Zet de quarantainebak niet vlak bij het normale aquarium. Dat geeft maar onrust tijdens de quarantaineperiode. Let zorgvuldig op symptomen van overbevolking en van zuurstoftekort zoals het luchthappen van vissen aan het wateroppervlak. Geef regelmatig maar niet te veel voer tijdens de quarantaineperiode. Verstrek veilig levend voer om de eetlust te bevorderen indien dat nodig is. Voer tweemaal per week een gedeeltelijke waterverversing uit van 20-25% en maak -indien aanwezig -het schuimfilterpatroon schoon onder stromend, lauwwarm water om de 7-10 dagen. Het gedeeltelijk water verversen zal de pas aangeschafte tropische zoetwatervissen helpen te acclimatiseren Daarbij kan het leidingwater geschikt worden gemaakt met een "conditioner". Omdat sommige middelen voor de verbetering van de waterkwaliteit de effectiviteit verminderen van bepaalde middelen tegen ziekte (zie de instructies op de verpakking), kan het beter zijn om het kraanwater te verbeteren door beluchting en door het een aantal uren te laten staan om op kamertemperatuur te komen Zo zal ook een deel van het chloor verdwijnen. Na een behandeling tegen ziekte kan het nodig is kan het nodig zijn aan het verse water een dosis van het middel toe te voegen om de concentratie ervan in het water van de quarantainebak op peil te houden. Zie ook hiervoor de instructies op de verpakking van het middel dat wordt gebruikt.

  • Goudvissen
  • Vis
  • Vis ziek
  • Vissen
  • Vissen
  • Visziekten.nl
  • Visziektes
  • Warm water vissen
  • Ziekten